Geschiedenis van Dirksland deel 4 - vanaf 1940



Aanmerkingen of toevoegingen, ga naar: Contact


1940

1 januari, Dirksland heeft 2835 inwoners, Melissant 1906 en Herkingen 1022. 31 - blz. 134

1940

10 mei, Tweede Wereldoorlog, Duitse wehrmacht valt Nederland, België, Luxemburg en Frankrijk binnen.  

1940

10 mei, Zes Engelse Bristol Blenheim 1F jachtvliegtuigen vallen het vliegveld Waalhaven te Rotterdam aan, daar raken zij in gevecht met een dozijn Duitse Messerschmitt B-f 110 jagers. Vijf Britse vliegtuigen gingen verloren, één hiervan werd door de piloot op de slikken van de Grevelingen nabij Herkingen neergezet. De twee bemanningsleden zijn via allerlei omwegen weer in Engeland terug gekomen. 28 - blz. 304 + 305

1940

12 mei, In de late avond maakt een Engelse tweedekker een noodlanding midden in de polder Oud-Herkingen. De beide vliegers hebben het overleefd en zijn via Antwerpen terug gekeerd naar Engeland. 28 - blz. 305 + 306

1940

15 mei, Na het verwoestende bombardement van Rotterdam op 14 mei, tekent Nederland de capitulatie. Alleen in Zeeland is nog een tijdje doorgevochten. Overigens schijnt het dat men Rotterdam vanaf Goeree-Overflakkee kon zien branden.  

1940

juni, Aan de Oost-Havendijk van Dirksland vallen nabij de loods van Mijnders (thans Den Hertog) bommen. Wel schade, maar geen slachtoffers. 28 - blz. 201

1940

In de nacht van 12 op 13 juli vindt een luchtgevecht plaats tussen Duitse en Engelse vliegtuigen boven Dirkslands grondgebied. Nadat een van de toestellen in problemen raakte loste de bemanning de bommenlast om zo snel mogelijk terug te keren naar Engeland.
De brandbommen vielen in een lange rij tot over de boerderij van Ardon aan de Vroonweg, die hierdoor zo beschadigd raakte dat die moest worden afgebroken en herbouwd. Op zo'n 300 meter van de hoeve van Ardon in de polder Dirksland kwamen nog een aantal brisantbommen tot ontploffing, die echter alleen wat kratervorming tot stand brachten. Terwijl op het boerderijtje van Dirk Poortvliet aan de boezem nog een aantal brandbommen vielen die niet tot ontbranding kwamen.
28 - blz. 175 + 176 /
"Het boerderijtje van Oom Dirk"

1941

Na een bouwtijd van twee jaar, wordt in de loop van dit jaar de nieuwe watertoren nabij Dirksland in gebruik genomen. Nadat men eerst te kampen had gehad met een strenge winter, waren door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog opnieuw vertragingen ontstaan.
De toren is ontworpen door ir. J. Gerben in de stijl van de “Delftse School”. De inhoud van het waterreservoir was 575m³. Met z’n hoogte van bijna 63m is de watertoren lange tijd de hoogste van Nederland geweest, totdat in het eind van de jaren ’50 in Emmeloord een toren van 65m verrees.
Tijdens de oorlog is de toren bijna opgeblazen, in 1944 hebben de Duitsers zo'n 400 kg springstof aangebracht in de acht buiten- en vier binnenkolommen waarop het reservoir rust. Het was de bedoeling om op 4 mei 1945 de toren op te blazen. Dit is echter niet door gegaan en op 7 mei 1945 heeft men de springstof verwijderd.
37 - blz. 88 + 89

1942

Wegens gebrek aan olie wordt het dieselgemaal in de Dirkslandse watermolen vervangen door een elektrische aandrijving. 02 - foto 32 /
De voormalige Watermolen

1942

16 oktober, In een bericht uit Den Haag wordt vermeld, dat tengevolge van de uitbreiding, welke de kustverdediging in Nederland ondergaan zou, de woongelegenheden, die in of in de nabijheid van de verdedigingszone gelegen waren, binnenkort geheel of gedeeltelijk door de bevolking zouden moeten worden ontruimd.
Dit zou voor Overflakkee pas het geval worden bij de inundatie.
31 - blz. 122

1942

najaar, Nadat reeds in juni 1941 door de Duitsers een verordening was afgekondigd, waarin de verplichte inlevering was bepaald van alle metalen die nodig waren voor de Duitse oorlogsindustrie, komen nu de kerkklokken aan de beurt.
Zowel de kerkklokken van Dirksland, Melissant als Herkingen werden gevorderd. Die van Dirksland zijn op 4 mei 1944 weggevoerd en omgesmolten.
De uit 1790 daterende klok van Melissant werd met een schip vervoerd, wat door de Engelsen op het IJsselmeer werd beschoten, waarna het zonk. Het schip is na de oorlog gelicht en de klok is in de kerktoren terug gehangen.
De torenklok van Herkingen was in de toren van de R.K. kerk in Woerden terechtgekomen. De klok werd na de oorlog terug gehaald en op 17 maart 1946 weer voor het eerst geluid.
28 - blz. 278 + 280 + 281

 

Op het eind van de Noorddijk, hoek Oost-Havendijk in de polder Onwaard, zijn enige bommen gevallen op verschillende percelen bouwgrond. Behalve de kraters in het land was er geen schade. 28 - blz. 201

1943

13 februari, De in Dirksland geboren schrijver Willem Walraven overlijdt in een Jappenkamp op Java aan de gevolgen van dysenterie en malaria. 28 - blz. 405 + 406

1943

zondagmiddag 28 februari, Bij een wandeling over het gors tussen Herkingen en Melissant stuiten vier jongens, waarvan drie broers, op een aangespoelde mijn. Om onbekende reden is deze ontploft waarbij alle vier de jongens zijn omgekomen. 28 - blz. 364 + 365

1943

In het voorjaar krijgen alle jongens uit de geboortejaren 1923 en 1924 een bericht zich fysiek te laten keuren. Als gevolg hiervan kwamen naar schatting 300 Flakkeese jongemannen voor de "Arbeitseinsatz" in Duitsland terecht. Zeker een vijftiental hiervan zijn nooit levend teruggekeerd. 28 - blz. 82 t/m 89

1943

9 juli, Aan de Kraaijenissedijk bij Melissant stort een Duitse Bf-110G-2 nachtjager neer. De beide bemanningsleden hebben het overleefd en het wrak van het vliegtuig is nog dezelfde dag weg gehaald. 28 - blz. 324

1943

4 oktober, Enige vliegtuigen van de RAF ondernemen een luchtaanval op een baggermolen van de Duitse wehrmacht, die in de Grevelingen een geul aan het graven was. Hierbij wordt één van de vliegtuigen aangeschoten. In de polder Oud-Herkingen maakt dit Typhoon MK.1 B jachtvliegtuig een noodlanding. Door een inwoner van Herkingen wordt de ongedeerde piloot vervoerd naar het dorp, waar deze werd omgeven door een grote menigte. Op het gemeentehuis werd de piloot van eten en drinken voorzien, maar daarna werd hij door de inmiddels gearriveerde Duitse militairen afgevoerd en raakte in krijgsgevangenschap.
In verband met de Herkingse hulp aan de piloot werden vervolgen zeven burgers opgepakt, waaronder de burgemeester. Deze werd gelijk weer vrijgelaten omdat hij van de N.S.B. was. Drie burgers werden na een week weer vrijgelaten, de drie overblijvende hebben enkele maanden in kamp Vught gevangen gezeten. De bevolking van Herkingen moest de hele maand oktober 's avonds om zes uur binnen zijn.
28 - blz. 326 t/m 328

1943

najaar, Er zijn een aantal brandbommen gevallen, waaronder rubberfosforbommen, in de omgeving van het boerderijtje van de familie De Bonte aan de Geldersedijk van Dirksland. Het had gelukkig geen gevolgen. 28 - blz. 201

 

Een zogeheten kettingbom (drie bommen aan elkaar gekluisterd) is terechtgekomen op een perceel bouwland achter de boerderij van Van der Sluis aan de Westdijk van Dirksland, alleen kratervorming.
Een tweetal brisantbommen is gevallen in de polder Roxenisse, zo'n dertig meter vanaf de Molendijk van Melissant. De woning van de familie Soldaat liep daarbij veel schade op. Persoonlijke ongelukken deden zich niet voor.
In Herkingen veroorzaakten een aantal verspreid neergekomen bommen kraters op enige percelen bouwland in de Klinkerlandsepolder.
Verscheidene keren vonden beschietingen plaats vanuit geallieerde vliegtuigen bij werkzaamheden voor de aanleg van een kabel naar Schouwen-Duiveland. Dit was in de buurt van de bunker die gebouwd was dicht langs de Oud-Herkingse Zeedijk. Geen bijzondere gevolgen.
28 - blz. 201 + 202

1944

januari, In de "Haagsche Post" verschijnt een artikel waarin gesproken wordt over inundatie van Nederland. Dit omdat de Duitse bezetter is bang voor een invasie in het Nederlands kustgebied. Het artikel veroorzaakte veel onrust. 31 - blz. 101

1944

13 februari, Het wordt bekend dat het oostelijk deel van Overflakkee tot en met Dirksland, in drie fases onder water wordt gezet. Alleen de drie dorpen Dirksland, Sommelsdijk en Middelharnis en enkele boerderijen konden gered worden door er in korte tijd een kade rond te leggen.
Rond Dirksland liep deze vanaf de Geldersedijk, langs Poldersweegje, Philipshoofjesweg en verder in noordwestelijke richting kruislings over de Vroonweg, Eerste- en Tweede Stoofweg tot aan de Noorddijk, het tracé van de trambaan volgend.
Op deze dag komt ook het bevel tot evacuatie van het te inunderen gebied van Overflakkee. Het betrof de bewoners van Stad a/h Haringvliet, Den Bommel, Ooltgensplaat, Achthuizen, Oude-Tonge, Nieuwe-Tonge en Herkingen.
01 - blz. 5 /
28 - blz. 98 + 119 + 120 /
31 - kaart 1

1944

23 april, Een aangeschoten Britse Halifax bommenwerper stort neer in de polder St. Elisabeth. Vier bemanningsleden hebben zich per parachute kunnen redden, maar twee hebben het niet overleefd en één is er vermist geraakt. Eén van de vliegers, genaamd H.I. Austin is in Herkingen begraven, naar hem is in 1981 het Austinplein vernoemd. 28 - blz. 333 t/m 336

1944

zondagmiddag 23 april, Bij een wandeling over het gors onderaan de Diederikse Zeedijk vinden vier Melissantse jongens een fosforbrandbom. Doordat één van hen de bom met kracht op de grond heeft gegooid, is het projectiel ontploft. Eén van de jongens kwam hierbij om het leven en een ander raakte gewond. 28 - blz. 368 + 369

1944

17 november, Zo tussen vier en half vijf 's middags, stortte een V-1 neer en explodeerde met een enorme knal naast de boerderij van Joh. van Nieuwenhuizen, hoek Vroonweg-Westdijk te Dirksland. De genoemde boerderij, evenals het huis op de dijk bewoond door de familie Mierop liep veel schade op. Ook deden zich hierbij enkele persoonlijke ongelukken voor. 28 - blz. 206

1944

november, Er valt een bom op een perceel bouwland aan de Philipshoofjesweg van Dirksland, waar tot voor kort de christelijke school gevestigd is geweest. Een flinke krater trok veel bekijks. 28 - blz. 201 /
Met dank aan: J.G. Knöps

1944

15 december, Tweede fase inundatie Overflakkee, negen polders worden onder water gezet. In totaal kwam 13.758 hectare, 9 are en 30 centiare onder water te staan. 01 - blz. 5 /
31 - kaart 1

1944

20 en 21 december, Grote razzia op Goeree-Overflakkee, alle mannen tussen de 17 en 40 jaar moeten zich melden. Als gevolg hiervan werden ongeveer 3500 Flakkeeënaars op transport gesteld naar Duitsland. Zo'n 28 personen hiervan zijn nooit meer levend thuisgekomen. 28 - blz. 127 + 129 + 160 + 166

1944

De inundatie vormde een onderdeel van de Duitse verdedigingsmaatregelen, het sprak dus vanzelf, dat er in het geïnundeerde gebied verdedigingswerken aangelegd zouden worden. Men kon verwachten dat in verschillende dijken mitrailleursnesten gebouwd zouden worden. Een dergelijke handelswijze zou echter funeste gevolgen hebben, wanneer de vijand gaten zou graven in de buitendijken. Op aandrang van de Nederlandse autoriteiten bouwden de Duitsers hun versterkingen in eerste instantie tegen de dijkenlichamen aan. Tegen het eind van dit jaar echter traden de bezetters steeds eigengerechtigder op, zij trokken zich hoegenaamd niets meer van protesten aan. In het dijkvak tussen Oude-Tonge en Herkingen werden zelfs door de buitendijken verbindingsgangen gegraven. Bij een storm kon er een grote ramp ontstaan. Omstreeks half december verscheen er een stellingbouwofficier om de verdedigingswerken te inspecteren. Deze begreep de gevaren welke dreigden en hij gaf opdracht om de gaten spoedig te herstellen, wat door de Duitse militairen werd gedaan.
In verband met de verdedigingsmaatregelen werden een hoop plaatsen en gebouwen ondermijnd. In eerste instantie was er zelfs sprake van dat de kerktorens zouden worden afgebroken, dit is echter gelukkig niet doorgegaan. De ondermijningen bij Dirksland zaten in de Geldersedijk, de schutsluis van het Sas van Dirksland, de trambrug over de haven en de watertoren. De Herkingse ondermijningen zaten in de sluis van de polder Oud-Herkingen, de bewaarschool, de Molendijk en de Klinkerlandsedijk. Melissant had geen ondermijningen.
31 - blz. 140 + 142 + 143,
kaart 1 en
kaart 2

 

Tijdens een korte artilleriebeschieting door de geallieerden vanaf St. Philipsland, liep de gereformeerde kerk te Herkingen enige schade op aan het dak en aan de zitbanken. 28 - blz. 201

1945

1 januari, Een Duitse Messerschmitt Bf 109G-14 stort neer aan de Kraaijenissedijk nabij het Sas van Dirksland. Twee bemanningsleden hebben zich per parachute kunnen redden, maar de piloot heeft het voorval niet overleefd. 28 - blz. 347

1945

25 januari, De grootste gaten, door de Duitsers aangebracht in het dijklichaam van de zuidelijke buitendijk, zijn geheeld. Dit was juist op tijd, want de volgende dag kwam er een stormvloed, waardoor het water bij Middelharnis tot 3.08m + N.A.P. werd opgestuwd. Het bleek nog nodig om de laatste gaten in de zuidelijke dijk te dichten, wat door inderhaast opgetrommelde soldaten uit Oude-Tonge werd uitgevoerd. De dijk hield het en een overstromingsramp werd voorkomen. Overigens heeft de bezetter hiervan niets geleerd want spoedig begonnen de vernielingen opnieuw. 31 - blz. 140

1945

15 maart, Derde fase inundatie Overflakkee, polder Diederik wordt onder water gezet nadat o.a. ook al de polder Dirksland werd geïnundeerd. In totaal stond er in het gebied Dirksland 1080 hectare onder water en moesten 450 mensen uit de polders geëvacueerd worden, merendeels naar het omkade dorp.
Aan het Poldersweegje waren indertijd barakken geplaatst, hierin zaten bunkerbouwers van de overkant, die elke ochtendvroeg naar Ouddorp vertrokken om daar de Duitse verdedigingswerken aan te leggen.
De polders die aan de zuidkant van het eiland lagen, hebben later veel meer problemen gehad met verzilting van de landbouwgrond. Dit omdat Krammer en Grevelingen veel zouter waren dan het Haringvliet, waar doorheen veel zoet rivierwater wordt afgevoerd.
01 - blz. 5 /
02 - foto 67 /
28 - blz. 120 /
31 - blz. 120 t/m 122 en kaart 1

1945

maart, In de lucht ontploft een V-1, ongeveer 80 meter vanaf de boerderij van J. Poortvliet aan de Onwaardsedijk te Dirksland. Behalve de brokstukken op het land was er geen schade. 28 - blz. 207

1945

5 mei, Bevrijding Nederland, de Duitse bezetter geeft zich over.
Voor de oorlog woonden er 64 Joden op Goeree-Overflakkee. Hiervan zijn er 62 weggevoerd door de Duitsers, waarvan er 55 zijn omgekomen in de vernietigingskampen.
Wat betreft het verzet, hiervoor zijn ook grootse daden verricht door zowel (voormalige) bewoners van Goeree-Overflakkee, alsook burgers van de tegenwoordige gemeente Dirksland in het bijzonder. Het zou echter te ver gaan om dit alles te beschrijven in dit stuk, zodat daarvoor verwezen kan worden naar het boek "Blijven Gedenken", wat nog steeds in de boekhandel verkrijgbaar is.
28 - blz. 39 t/m 48 + 245 t/m 277

1945

6 mei, Burgemeester D.J. Visscher wordt afgezet, omdat hij tijdens de oorlog lid was van de NSB. Hij wordt opgevolgd door tijdelijke waarnemers, in Dirksland is dit de heer E. Otting, in Herkingen de heer J. Witvliet en in Melissant de heer W.P. Vogelaar.  

1946

Renovatie van de wijk "’t ouwe Egypte", tegenwoordig verdwenen voor "de Hofjes" en de "Wernerflat". 16 - blz. 65

1946

Bouw van het Paviljoen bij het Van Weel-Bethesda ziekenhuis te Dirksland. De nieuwe lighallen dienden voor t.b.c. patiënten en langdurig zieken. 02 - foto 41 /
14 - blz. 55

1947

21 en 27 oktober, Installeren en inluiden nieuwe kerkklokken nadat de oude in 1944 door de Duitsers waren gestolen. Door de Dirkslandse bevolking werd geld ingezameld, f 6000,- voor de aankoop van de 1650kg en 465kg zwaar zijnde exemplaren. De twee nieuwe klokken werden gegoten door Fa. Van Bergen uit Heiligerlee. Het opschrift van de kleine klok luidt:
"Mijn voorganger door de bezetter genomen
Ben ik sept. 1947 hier in de plaats gekomen
Door der burg'ren milddadige hand
Bracht mij Gebr. Van Bergen tot stand."
Op de andere zijde van de klok staat het opschrift "Heiligerlee" met daaronder het wapen van Dirksland.
Het opschrift op de grote klok luidt:
"4 mei 1944. De vijand nam, versmolt en smeedde
Tot wapens, die voorheen deez' plaats bekleedde
juli 1947 De burgerij schonk mij na blijde vrede
Mijn klank weerklinkt van dank
Aan God mijn leven lank."
Op de andere zijde van de klok het opschrift "Heiligerlee".
14 - blz. 31 /
16 - blz. 21 /
28 - blz. 280

1947

1 november, De tijdelijke burgemeester van Dirksland, de heer E. Otting, evenals de tijdelijke burgemeesters van Herkingen en Melissant, de heren J. Witvliet en W.P. Vogelaar, worden opgevolgd door de heer D. van Heijst.  

1949

Aanschaf ziekenauto Van Weel-Bethesda Ziekenhuis, nieuwe Ford Mercury f 16.000,-. 16 - blz. 19

1950

3 januari, Gemeentelijke gasfabriek wordt distributiebedrijf wat het gas gaat betrekken van de "Gascentrale Flakkee" te Middelharnis. 02 - foto 53

1950

In de dorpskern staan heel wat winkels, de belangrijkste winkelstraat is de Straatdijk, in de vijftiger jaren zitten er bijna alleen winkels; 4 bakkers, 4 slagers, 4 levensmiddelenwinkels, 2 zuivelwinkels, 2 tabakswinkels, 2 schoenwinkels, 2 winkels in manufacturen, 2 schilders, 2 steengoedwinkels, 1 groentewinkel, 1 winkel in potten en pannen, 1 winkel in matten en woninginrichting, 1 kapper en kleermaker, 1 schoenmaker, 1 klompenmaker, 1 klompenwinkel, 1 kledingwinkel, 1 stoffenzaak, 1 drogisterij, 1 petroleumwinkel, 1 smederij en winkel in lampen, 1 boekhandel, 1 winkel in luxe en huishoudelijke artikelen, 1 winkel in fotografie, 1 radio- en elektriciteitszaak en 1 zilversmid. 15 - blz. 64

1950

Korenmolen "De Eendracht" wordt ingericht voor het elektrisch malen van graan. 16 - blz. 9

1950

Oprichting tankstation Bas de Gast aan het Korteweegje. 16 - blz. 61

1953

De onheilspellende weersverwachting voor 1 februari, werd op rampzalige wijze in werkelijkheid ver overtroffen.
Door een noordwester storm met orkaankracht, trad er voor de Nederlandse kust een opstuwing van de zeewaterspiegel op van gemiddeld ruim 3.- meter.
Dit had tot gevolg dat met uitzondering van de dorpen Dirksland en Melissant, het gehele eiland Goeree-Overflakkee op die datum overstroomde.
Hieronder volgt er een korte beschrijving van wat de bewoners van de toenmalige dorpen Dirksland, Herkingen en Melissant voor-, tijdens- en direct na de overstromingen hebben beleefd en welke activiteiten men daar nog heeft kunnen ontplooien.
34

1953

31 januari, Herkingen was voor een groot deel op de hoofdwaterkering gebouwd, terwijl de gevels van die huizen van de waterkering deel uitmaakten.
Bij verwacht hoog water moesten hier de raam- en deurkozijnen met vloedplanken worden afgesloten.
Bovendien bevond zich in de hoofdwaterkering een coupure naar de haven van Herkingen, welke met een opkisting afsluitbaar was.
Op zaterdagavond zaten bijeen, de wethouder Witvliet, de dominee en J. van der Velde, die belast was met het afsluiten van de coupure.
Zij waren ongerust, dat de hevige storm een extra hoge waterstand tot gevolg zou hebben.
Toen het water bij eb hoog bleef staan en zelfs nog hoger werd, heeft de wethouder dit per telefoon aan burgemeester Van Heyst in Dirksland gemeld en afgesproken werd, dat hij de burgemeester op de hoogte zou houden van de gang van zaken.
Om 23.30 uur heeft Witvliet het personeel van zijn graanhandel opgeroepen en zijn vijf vrachtauto's op de dijk laten zetten.
Vervolgens heeft hij de deuren van zijn pakhuis (deel van de waterkering) afgestempeld.
De opkisting in de coupure naar de haven werd om 0.00 uur aangebracht.
34 - blz. 19 + 26

1953

zondag 1 februari, Watersnoodramp.
's Nachts om 01.00 uur krijgt burgemeester Van Heyst van Herkingens wethouder, de heer Witvliet, de mededeling dat ondanks het feit dat het nog lang geen hoog water was, de toestand zeer kritiek werd.
Na de politie en de brandweer van Dirksland gealarmeerd te hebben, is Van Heyst naar Herkingen gegaan.

Nadat in Herkingen de alarmsirene in werking was gesteld arriveerden de burgemeester en de Dijkraad Van der Velde.
De brandweer van Herkingen was reeds aanwezig, spoedig daarna arriveerden de brandweer en politie van Dirksland.
Ondanks dat het eb was, steeg het water steeds hoger en de bewoners op de hoofdwaterkering brachten in de raam- en deurkozijnen van hun huizen vloedplanken aan.
Uit angst dat de Zeedijk van Oud-Herkingen zou bezwijken, heeft men de bewoners van de polder Oud-Herkingen uit hun huizen gehaald en op de binnendijken in veiligheid gebracht.
Een deel van hen vond een plaats in de Gereformeerde kerk aan de Peuterdijk.

Ook aan de noordkant van Dirksland, langs het Haringvliet, liet de toestand zich ernstig aanzien.
Omdat de bovengrondse telefoonlijn naar Dirksland Sas was gebroken, kon men hiervan niet tijdig bericht doen. Later in de nacht is daarom een zoon van de sluisknecht naar het dorp gefietst om de poldervoorzitter en de opzichter te waarschuwen.

Vanzelfsprekend zijn de sluismeesters van het Sas van Dirksland de gehele nacht waakzaam gebleven. Omstreeks middernacht had de buitenwaterstand al een hoogte bereikt van 2.60 m + N.A.P.
Om de steeds groter wordende waterdruk over de beide deuren te verdelen, werden de rinketten (kleine schuifopeningen in een sluisdeur) in de buitenvloeddeur iets open gezet.
Het water in het Haringvliet werd steeds hoger tot er maximaal 0.20 m water over de sluisdeuren de haven inliep.
Dit hield in, dat het buitenwater een hoogte had bereikt van ongeveer 4.00 m + N.A.P.
Het overlopen van de sluisdeuren heeft de waterstand nauwelijks beïnvloed en op maandag 2 februari kon er alweer door het Sas worden geloosd.

Om 01.00 uur zijn de voor de Halspolder gelegen Nieuwe-Kroningspolder, Kroningspolder en Bospolder kort na elkaar, door overlopende dijken ingestroomd.
Na de ramp zat in de oostelijke buitendijk van de Kroningspolder nabij de eendenkooi een bres van 65.00 m lengte.
Een groot gedeelte van de grond uit de dijk lag echter "buitendijks" zodat deze dijk vermoedelijk bij vallend water van binnenuit is doorgebroken.

Zondagnacht na 01.00 uur was de buitendijk van de Halspolder achter de Nieuwe-Kroningspolder c.a. rechtstreeks waterkerend.
Omstreeks 03.30 uur brak de hoofdwaterkering bij Dirksland Sas door en om ongeveer 04.15 uur stond er al 1.00 m water op het land.
Het water bleef snel stijgen en tussen 05.00 uur en 05.30 uur werd de maximale stand van ongeveer 3.25 m + N.A.P. bereikt.
Ten gevolge van het stroomgat in de buitendijk, was er in de Halspolder een duidelijk waarneembare getijbeweging.
Het had niet veel gescheeld, of ter plaatse van de Eendrachtspolder en de Halspolder, was in de rampnacht een directe verbinding ontstaan tussen de Grevelingen en het Haringvliet. Indien dit zou zijn gebeurd, was het eiland zonder meer in tweeën gebroken.
Alleen aan het feit, dat de 3.40 tot 4.00 m + N.A.P. hoge Oude Dijk tussen de Eendrachts- en de Halspolder, de vloedgolf, die omstreeks 4.30 uur vanuit het zuidoosten de Eendracht vulde, heeft weerstaan, is het te danken dat dit niet is gebeurd.
Aangezien het Sas van Dirksland stand hield en de polder Dirksland door vrij hoge binnendijken wordt omgeven, liep het dorp Dirksland geen direct gevaar.
De zwakste schakels in deze kering waren de Geldersedijk en de Zuiddijk, die later het inundatiewater van de polder de Oude Plaat zouden moeten keren.

De postcommandant van de Rijkspolitie te Melissant, de heer Ruissen, wordt om 2.30 namens de burgemeester van Middelharnis en Sommelsdijk, per telefoon medegedeeld, dat in verband met de zeer hoge waterstand, de Dijkgraaf van de Dijkring Flakkee de noodtoestand had afgekondigd.
Hem werd verzocht dit bericht aan alle buitenboeren door te geven.
Om 03.00 uur had Ruissen dit gedaan, waarna hij om 03.15 uur door de Dijkraad P.D. Sieling werd opgebeld. Deze bestuurder van het Waterschap vertelde, dat het water zeer hoog tegen de buitendijk stond en dat de Gabriëllinapolder aan het instromen was.
Ruissen gaf dit bericht direct door aan de burgemeester, die opdracht gaf om alarm te slaan.
Om 03.23 uur werd daartoe de op het gemeentehuis van Melissant staande brandsirene in werking gesteld.
De brandweer was in korte tijd present en vertrok naar de Halsdijk, waar mensen in nood moesten zijn. Ook de politie begaf zich daarheen.
Nadat de postcommandant Ruissen zondagmorgen van de Halsdijk was teruggekeerd, waar hij het water over de dijk had zien stromen, wilde hij groot alarm slaan.
Door het uitvallen van de elektrische stroom, kon van de sirene geen gebruik worden gemaakt.
Teneinde bij de torenklok te kunnen komen, heeft men met een voorhamer de deur van de kerk geforceerd.
Helaas zat er aan de elektrisch werkende luidklok geen klokketouw meer, zodat men deze met de voet heeft moeten luiden. Vervolgens heeft men de bewoners van het dorp nog geklopt, terwijl de buitenmensen per fiets of motorrijwiel werden gewaarschuwd.

Op zondagmorgen is de polder Kraaijenisse voor de helft ondergelopen, door water dat vanuit de Eendrachts- en de Gabriëllinapolder over de Kraaijenissedijk is geslagen.

Voor 03.00 uur sloegen de golven al over de buitendijk van de polder Roxenisse.
Om 04.00 uur stonden alle sloten in de polder vol water en stond het land dras.
Het water in de polder steeg later wat sneller en omstreeks 17.30 uur 's middags bereikte het een stand van 1.00 m + N.A.P.
Behalve over de buitendijk is er op 2 februari tussen 03.45 en 04.15 bovendien vrij veel water uit de Gabriëllinapolder over de Halsdijk in de polder Roxenisse gestroomd.
Het water steeg hierdoor nog eens met 0.50 m en kwam tot een maximale stand van ongeveer 1.50 m + N.A.P.

Om 3.30 uur werd in Herkingen de zuidelijke duiker in de Peuterdijk, welke de polder Oud-Herkingen met de polder Sint Elisabeth verbindt, gesloten.
De noordelijke duiker heeft zg. wachtdeuren, die zichzelf door een eventuele waterstroom afsluiten.
Toen het water over de opkisting in de coupure van de haven begon te stromen, heeft de brandweer de kering met zakken zand verhoogd en versterkt.
Het water kwam steeds hoger en de golven sloegen over de Oud-Herkingse Zeedijk, wat tot gevolg had, dat het onderste gedeelte van het binnentalud begon af te kalven.
Het vreemde van de overstroming was, dat over praktisch de volle lengte van de dijk de grasmat van het binnentalud afschoof.
Omstreeks 04.00 uur moet het buitenwater op zijn hoogst zijn geweest.
Het stond toen 0.15 m op de vloer van het hoog op de dijk staande huis van wethouder Witvliet.
Tussen 04.00 en 04.30 uur kwam er water in de polder Oud-Herkingen. Op die tijd zijn waarschijnlijk de twee kleine gaten in het noordelijk deel van de Oud-Herkingse Zeedijk ontstaan. Om 06.30 uur stond de polder blank.

Nadat Struik, een bestuurslid van de polder Dirksland, door de sirene was gewekt, was zijn eerste gedachte om de duiker, die de polders Roxenisse en Oud-Melissant verbindt, dicht te draaien.
Toen hij om ongeveer 04.00 uur bij de duiker kwam, stroomde er al water door en enige mensen probeerden deze met grond af te dichten, zonder enig succes.
De duiker afdichten met de schuif ging niet omdat deze muurvast zat en ook zakken met zand werden door de waterstroom meegenomen.
Daarna liet men met enige moeite een "sleper" (houten schot) voor de duiker zakken en de overblijvende openingen werden met zakken zand gedicht.
Om 18.00 uur was de duiker gesloten en om 20.00 uur was er met vereende krachten aan weerszijden van de duiker een solide dam aangelegd.
Tijdens het afdichten van deze duiker, hadden anderen ook kleinere, niet afsluitbare duikers afgestopt.
Hiermee was voor de polder Oud-Melissant het gevaar van instromen vanuit de polder Roxenisse voorlopig geweken.
Daardoor was het dorp Melissant zeker nog niet veilig.
Door de waterdruk vanuit Roxenisse lekte er door de schuif van een in onbruik geraakte duiker in de Noorddijk, water naar de droge polder Nieuw-Kraaijer.
Op zondagmorgen werd deze duiker met zakken zand degelijk gedicht.

De zeedijk van de polder Diederik heeft het in de rampnacht zwaar te verduren gehad.
Dat is gebleken uit het feit, dat op vele plaatsen het veek (rietresten, drijvend vuil op het water) onder aan het binnenbeloop lag.
Door zware golfslag en overstortend water is het buiten- en binnentalud op meerdere plaatsen beschadigd.
Alleen in het noorden brak, omstreeks 05.00 uur, de dijk op drie plaatsen door.
Nadat de gaten zich hadden verwijd, ontstond er een vloedgolf, die tussen 06.15 en 06.30 uur de sloten vulde en het land dras zette.
Nadat het instromen door het dalen van het buitenwater was opgehouden, stond er in het noorden van de Diederik 1.00 m water op het maaiveld.
Op zondag om 15.30 uur stroomde het water weer met kracht de polder in en deed de waterstand tot 2.20 m + N.A.P. stijgen.
Daarna daalde het weer tot ongeveer 2.00 m + N.A.P. waarop het voorlopig zou blijven staan.

De oorlogsduiker in de Westdijk van Melissant, die geen dienst deed, was met grond dicht gegooid.
Toen de Diederik vol water stond, bleek de duiker sterk achter- en onderloops (het water stroomde onder en naast de duiker door) en de afdichting liet veel te wensen over.
In de loop van zondagmorgen heeft men deze duiker met behulp van zandzakken naar behoren afgesloten.
Daarna begon men de Manezeese Gorsdijk en de Westdijk vanaf de stee van Verbaan, naar het noorden te verhogen door een stapeling van zandzakken op de buitenkruinlijn.
Door het omploegen van het onderste deel van het talud van de Westijk, was deze dijk ernstig verzwakt.
Teneinde afslag tegen te gaan werd het bovenste gedeelte van het talud nog met zandzakken versterkt.
De bevolking van Melissant heeft spontaan gewerkt.
De zakken werden door meerdere boeren beschikbaar gesteld. Het zand werd onttrokken aan het schoolplein en daarna kwamen er met zand gevulde zakken uit Dirksland.
Onder de leiding van de politie en van de gemeentesecretaris heeft men op zondag en maandag en de daarop volgende dagen dijkwachten ingesteld om alle nog zwakke waterkerende dijken te controleren.
In de rest van de week hebben de inwoners van Melissant, tezamen met de 400 militairen die op woensdag arriveerden, gewerkt aan het dichten van gaten en het verhogen van binnendijken.

In Herkingen was aller aandacht gericht op het gevaar dat van de zijde van de Zeedijk van Oud-Herkingen dreigde.
Toen echter het buitenwater over het onbebouwde deel van de Scharloodijk sloeg en het binnentalud aantastte, werd men ervan bewust, dat de Klinkerlandse Zeedijk op doorbreken stond.
De Scharloodijk maakte namelijk deel uit van die Zeedijk.
Met zeer veel haast heeft men het in de polder Klinkerland gelegen deel van het dorp - het zogenaamde Tuindorp - laten ontruimen.
Op dezelfde tijd, omstreeks 04.30 uur, moet de Klinkerlandse Zeedijk bij de boerderij van Geluk zijn doorgebroken.
De waterstand in de polder Klinkerland steeg snel en om ongeveer 05.00 uur stroomde het water over de laagste delen van de Molendijk, de nog droge polder St. Elisabeth in.
Om 05.30 uur werd in Klinkerland de hoogste waterstand van 2.75 m + N.A.P. bereikt en toen werd de Molendijk met maximaal 0.75 m water overstroomd.
De telefoon heeft gefunctioneerd totdat de polders instroomden en het licht moet omstreeks 03.00 uur zijn uitgevallen.

Op zondagmorgen om 05.00 uur stroomde er al water vanuit de polder Klinkerland over de Wellestrijpse Dijk in polder de Oude Plaat. Zoals vermeld werd om ongeveer 05.30 uur de hoogste waterstand bereikt in polder Klinkerland, er liep toen 0.50 m water over de Wellestrijpse Dijk.
Omstreeks 06.00 uur vielen er talrijke gaten in en als gevolg daarvan ontstond er in de Oude Plaat een vloedgolf in noordelijke richting.
Het Korteweegje fungeerde aanvankelijk als waterkering, maar dat duurde maar even, want zondag op de middag stond de gehele polder blank.

In Dirksland werd er al op zondagmorgen begonnen met het rekwireren van in totaal 30 vrachtauto's. Daarna werd de luchtalarmsirene in werking gesteld, terwijl de brandweerauto met loeiende sirene door het dorp reed om kenbaar te maken dat alle mannen gewapend met een schop naar de Voorstraat moesten komen.
Hier stonden de gerekwireerde auto's klaar om hen direct naar de bedreigde plaatsen of naar de opslagplaatsen van zand, van provincie of polder, te brengen.
Aldaar werden er zakken met zand gevuld, die per vrachtauto naar de Gelderse- en/of de Zuiddijk werden vervoerd, waar zij gebruikt werden voor het ophogen van lage plaatsen en voor het afdichten van een duiker.
Ook een duiker in de Onwaardsedijk werd afgedicht.
Met behulp van de commissionairs, kon er over voldoende zakken worden beschikt, echter de zandopslagplaatsen waren spoedig leeg. Daarom werd er zand onttrokken aan het schoolplein.
Hoewel men op zondagmiddag dacht, dat er voor Dirksland geen gevaar meer dreigde, begon het water in de Oude Plaat om ongeveer 18.00 uur weer krachtig te rijzen, met het gevolg dat op enkele plaatsen het water over de Gelderse- en Zuiddijk stroomde. Onmiddelijk werden weer alle burgers opgeroepen, waaraan tussen de 300 en 400 inwoners, waaronder vrouwen, gevolg gaven.
Men trok naar de nieuwe begraafplaats om bij het licht van tractorlampen, zakken met zand te vullen
Deze werden per vrachtauto naar de Gelderse- en de Zuiddijk gereden alwaar weer anderen gereed stonden om met stapeling van die zakken de buitenkruin te verhogen.
De stemming en organisatie waren goed, want elke vier minuten vertrok er een vrachtauto van de begraafplaats.
Zondagnacht van 1 op 2 februari heeft de burgemeester even het werk laten onderbreken om te vertellen dat er per radio was medegedeeld, dat de regering de volgende dag met groot materieel te hulp zou komen.
Juist op het moment, dat het zand op de begraafplaats op was, was het werk aan de Gelderse- en Zuiddijk voorlopig klaar.
Er lag toen op de Geldersedijk een zandzakkenrij van ongeveer 1750 m lengte, terwijl er ook op de Zuiddijk zandzakken waren gestapeld.
De rest van de week heeft men de zandzakkendam voortduren aangevuld en onderhouden. Plaatselijk had deze een hoogte van 0.80 m.
Zodra mogelijk nam men het dichten van de westelijke gaten in de Wellestrijpse Dijk ter hand.
Evenals in Melissant ontving ieder die aan de dijken had gewerkt een weekloon, terwijl de arbeid op zondag als "vrijwillige arbeid" werd beschouwd.

Door het reeds eerder genoemde overstromen van de Molendijk van Herkingen, kwam het zuidelijk deel van de polder St. Elisabeth omstreeks 10.00 uur blank te staan.
Door een half openstaande duiker in de Schenkeldijk, stroomde er veel water uit de polder Diederik in St. Elisabeth.
Ten gevolge van een getijbeweging met wisselende waterstanden in Klinkerland, liep er telkens weer water over de Molendijk de polder St. Elisabeth in.
Gelukkig is deze dijk in stand gebleven.

Met het instromen van water door de gaten in de Oud-Herkingse Zeedijk was het gelukkig spoedig gedaan.
Toen de waterstand in St. Elisabeth hoger werd door het overlopen van de Molendijk, werd er water uit deze polder, door een oude duiker geloosd op Oud-Herkingen.
Ten gevolge van die doorstroming is die duiker in de nacht van zondag op maandag in elkaar gestort.

Met vanuit Dirksland aangevoerde zandzakken, poogde men de Molendijk van Herkingen op te hogen, om het verder instromen van de polder St. Elisabeth te beletten.
Dit lukte niet geheel.
34 - blz. 16 t/m 18 + 19 t/m 21 + 26 t/m 28 /
05 - kaart 1 en kaart 2

1953

maandag 2 februari, 's Morgens trokken de burgers van Herkingen er weer op uit, om hun dorp zo goed mogelijk te beveiligen.
Men begon met het afdichten van de ingestorte duiker in de Peuterdijk d.m.v. zandzakken.
Vervolgens nam men de nog steeds instromende duiker in de Schenkeldijk onder handen.
Men plaatste een hek voor de ingang van de duiker en gooide daar net zolang zandzakken voor tot het instromen ophield.
Ook is men verder gegaan met het ophogen van de Molendijk met dezelfde hulpmiddelen.
Men trachtte hiermee te voorkomen, dat er bij eventueel hoog water in Klinkerland de polders St. Elisabeth en Oud-Herkingen verder zouden invloeien.
De daarvoor benodigde zandzakken werden wederom vanaf Dirksland aangevoerd.
Toen men aan het eind van de week daarmee klaar was, lag er op de Molendijk een dam met een hoogte van 0.60 m.
In de eerste week werden voorts de westelijke gaten in de Wellestrijpse Dijk gedicht.

De burgemeester van Dirksland vraagt om 400 militairen voor het dichten van de gaten in de Wellestrijpse Dijk. Op woensdag arriveerde echter het dubbele aantal.
Wegens gebrek aan huisvesting heeft men een grote groep naar Melissant gestuurd, waar zij ook zeer nuttig werk konden doen.
34 - blz. 21 + 28 /
05 - kaart 1 en kaart 2

1953

dinsdag 3 februari, Een Dijkraad laat een geul in het voorland van de zwaar beschadigde Klinkerlandse Zeedijk graven, waardoor het water uit de polder Klinkerland en via de stroomgaten in de Wellestrijpse Dijk ook uit de polder de Oude Plaat, snel naar de Grevelingen kon wegstromen.
De opzet daarvan was, het verlagen van de inundatie, ter bescherming van de polder Dirksland, waarbinnen het uiterst belangrijke ziekenhuis gevestigd was.
De gevolgen waren echter desastreus. Het erachter liggende stroomgat sleet snel uit, tot een maximale diepte van 18 m.
34 - blz. 28 /
05 - kaart 1 en kaart 2

1953

woensdag 4 februari, Deze en de volgende dag arriveerde te Dirksland de eerste groep ambtenaren van de Provinciale Waterstaat, die van hieruit het dijkherstel zouden gaan leiden.
De gemeente Dirksland heeft alleen de chronisch zieken geëvacueerd.
In totaal zijn er op vrijwillige basis 150 naar het vaste land gegaan.
Dirksland is een belangrijk evacuatiecentrum geweest. Ongeveer 3000 gevluchten uit Nieuwe-Tonge, Herkingen en Stellendam werden daar gevoed en gekleed en daarna naar het vaste land gebracht.
De polder Dirksland met de daarin gelegen gemeente Dirksland bleef droog.
Daarom kon beschikt worden over vervoer, vrachtauto's, materiaal, zand en menskracht om overstromingen te voorkomen.
De mensen uit Dirksland hebben daarvan op een voortreffelijke wijze gebruik gemaakt, waardoor ook het ziekenhuis volledig kon blijven functioneren.
In deze gemeente zijn geen slachtoffers van de watersnood gevallen.
Rest nog te vermelden, dat de Gemeente- en Waterschapsautoriteiten in de beste harmonie, op vruchtbare wijze hebben samengewerkt.

Op deze dag deed zich bij de grote duiker, welke de polder Oud-Melissant met de polder Roxenisse verbindt, nog een incident voor.
Twee ingelanden van de onder water staande polder Roxenisse, (een agrariër met zijn neef) wilden deze duiker openen om het water uit Roxenisse te lozen op de droogstaande polder Oud-Melissant.
Deze beide ingelanden waren hiertoe beslist niet bevoegd. De voorzitter van de polder Dirksland c.a. heeft dit echter met steun van de gehele bevolking kunnen verijdelen.
In Melissant zelf zijn geen slachtoffers gevallen.
Tragisch is, dat er in de eerste week 25 slachtoffers uit Stellendam aan de Kraaijenissedijk zijn aangespoeld.
Vanwege de totale inundatie van Stellendam en omgeving, zijn praktisch alle verdronken inwoners te Melissant ter aarde besteld.
Uit Melissant behoefden geen mensen naar het vaste land te evacueren.
Alle voren omschreven werkzaamheden die ertoe hebben geleid dat Melissant "droog" kon blijven, werden georganiseerd en uitgevoerd vanuit een droog gebied.
De mensen uit Melissant hebben die mogelijkheid op een goede wijze benut.

In het dorp Herkingen zelf zijn geen slachtoffers gevallen.
Er werden vijf woningen verwoest, terwijl 226 panden min of meer ernstige schade opliepen.
Een belangrijk deel van de bevolking werd geëvacueerd.
De mensen uit Herkingen hebben op een juiste manier alle mogelijkheden benut om de schade aan de dijken zo goed mogelijk (provisorisch) te herstellen, om daardoor hun dorp te beveiligen.
34 - blz. 18 + 21 + 28 /
05 - kaart 1 en kaart 2

1953

18 februari, Minister van Verkeer en Waterstaat, J. Algera benoemd een commissie van deskundigen die moest onderzoeken "welke voorzieningen dienen te worden getroffen met betrekking tot de door de stormvloed van 1 Februari 1953 geteisterde gebieden". De minister vroeg ook expliciet aan deze commissie "of een afsluiting van de zeearmen zulk een voorziening behoort te vormen".
Voorzitter van deze commissie werd de directeur-generaal van Rijkswaterstaat, A.G. Maris, die de naam "Deltacommissie" verzon. Secretaris werd J. van Veen, de man van de eerdere studies naar een verbetering van de waterstaatkundige situatie van zuidwest-Nederland. Hij werd door sommigen wel de "geestelijke vader van de Deltawerken" genoemd, hij had al in 1937 gesteld dat de zeeweringen in het zuidwestelijk kustgebied te laag waren, en al in 1938 voorspelde hij dat Nederland een watersnoodramp wachtte, zoals die zich op 1 februari van dit jaar heeft voorgedaan.
Reeds in 1939 was er een "Stormvloedcommissie" ingesteld, die het mogelijk achtte dat zich ooit een "superstorm" voor zou doen die het water op zou stuwen tot een hoogte van 4 m + N.A.P. Hieruit trok men de terechte conclusie dat de dijken inderdaad veel te laag waren.
Overigens bleek uit een analyse van de rampnacht dat het allemaal nog veel erger had kunnen zijn. De windkracht in die nacht was niet extreem hoog, gemiddeld had de wind aan de kust een gemiddelde snelheid van 27 meter per seconde, terwijl ooit gemiddelde snelheden waren gemeten van 35 meter per seconde. Het springtij was die nacht niet echt hoog, twee weken eerder was het springtij bijvoorbeeld nog een halve meter hoger geweest. Daar kwam bij dat de storm op zijn hevigst was toen het nog niet volop hoogwater was. Ook stond het water in de Rijn niet bijzonder hoog, bij Lobith werd een "afvoer" gemeten van 1600 kubieke meter per seconde; gemiddeld bedraagt dat zo'n 2200 kubieke meter en er waren zelfs al eens afvoeren gemeten van 13.000 kubieke meter per seconde. Het lage water in de rivieren gaf de zee de mogelijkheid diep landinwaarts te stromen waardoor minder hoge waterstanden ontstonden.
Met dit in het achterhoofd koos de Deltacommissie voor een basishoogte van 5 m + N.A.P., tot welke hoogte bijvoorbeeld de Haringvlietsluizen het water vandaag de dag kunnen keren.
35 - blz. 15 + 16 + 33 + 48 + 49 + 51

1954

Transportbedrijf Van Dongen verhuist van "de Kattewacht" naar "het Spui".
De firma Leune, een commissionairs bedrijf wat ook in het Spui zat, zal in dit jaar zijn eerste vrachtwagen kopen. Het bedrijf is inmiddels ter ziele gegaan.
15 - blz. 12 en 16

1955

De chocolade-inpakafdeling Victoria wordt ondergebracht in het gebouw "Odeon" aan de voorstraat. 16 - blz. 70

1955

21 oktober, In een laatste advies geeft de Deltacommissie een schematische opzet voor de afsluiting van de zeearmen, het eigenlijke "Delta-plan". Reeds eerder waren zij tot de conclusie gekomen dat de verkorting van de kustlijn middels o.a. het afsluiten van de zeearmen Haringvliet, Grevelingen en Oosterschelde de beste oplossing was. Voor Goeree-Overflakkee waren van belang de primaire dammen voor het keren van stormvloeden die in het Goereese- en Brouwerhavense-Gat zouden worden aangelegd. Omdat men dit niet tegelijkertijd kon doen, zou bij het afsluiten van één der zeearmen de stroomsnelheid in de andere verhogen, waardoor het onmogelijk werd om deze af te sluiten. Daarom was het noodzakelijk om eerst secundaire dammen aan te brengen, die achter in de zeearmen gesitueerd zouden worden.
De minister zette de adviezen van de Deltacommissie om in een wetsontwerp, officieel de "wet op de afsluiting van de zeearmen tussen de Westerschelde en de Rotterdamsche Waterweg en de versterking van de hoogwaterkering ter beveiliging van het land tegen stormvloeden". In het spraakgebruik, en later zelfs officieel, werd dit de "Delta-wet".
35 - blz. 52 + 54 + 55 + 57

1957

27 november, Opening kinderafdeling Van Weel-Bethesda ziekenhuis, na schenking half miljoen gulden door Zweedse organisatie "Rädda Barmen", in verband met de watersnood. 02 - foto 40 /
15 - blz. 83

1957

De stoomtram verdwijnt van het eiland Goeree-Overflakkee. 15 - blz. 82 /
18 - blz. 8

1958

Burgemeester Van Heijst wordt in Dirksland, Herkingen en Melissant opgevolgd door de heer H. Bos.  

1959

In dit jaar komt het eerste gedeelte van de Volkerakdam klaar. De secundaire dam was gelegen tussen het Hellegatsplein, een kunstmatig opgespoten eiland op het kruispunt van de waterwegen Haringvliet, Hollands-Diep en Volkerak, en een punt enkele kilometers ten zuiden van Den Bommel. 35 - blz. 91 + 92

1959

30 september, Officiële ingebruikname verenigingsgebouw hervormde kerk, "Onder de Wiek". 14 - blz. 31

1960

Bouw "Victoriahal" aan de Philipshoofjesweg, Victoria fabrieken tot 1967 hier ondergebracht. 16 - blz. 70

1964

In dit jaar komt de Grevelingendam gereed. De secundaire dam is gelegen tussen Oude-Tonge en Bruinisse. In 1966 zou de verkeersweg erover gereed komen.
In dit jaar komt ook de Haringvlietbrug gereed, deze was gelegen tussen het Hellegatsplein en Numansdorp. De brug is niet in het kader van de Deltawerken aangelegd, maar is bekostigd door particuliere investeerders, om deze reden heeft het dan ook een aantal jaren een tolweg gevormd.
35 - blz. 89 + 90 + 91 + 92

1964

De nieuwe christelijke school aan de Irenelaan te Dirksland wordt in gebruik genomen, de oude wordt tien jaar later afgebroken. met dank aan: Janny van der Kolk Wolfert

1966

1 januari, Gemeentelijke herindeling, de dertien gemeenten op Goeree-Overflakkee worden tot vier teruggebracht.
Eén hiervan is de gemeente Dirksland, met de dorpen Dirksland, Herkingen en Melissant. Tevens als gevolg ging Kralingen gewoon tot Dirksland behoren, terwijl voorheen het gedeelte Kralingen beoosten de Onwaardse Dijk, in de volksmond "de pit" genaamd, tot Sommelsdijk behoorde en het gedeelte bewesten de dijk tot Melissant. De grond tussen de kreek Boomvliet en de Gelderse Dijk was ook altijd Melissant gebleven, op een zijpad van het Korteweegje, waar vroeger de klampenmeet was, stond een grenspaal om de afscheiding aan te duiden tussen Melissant en Sommelsdijk.
In de jaren 80 werd een groter raadhuis nodig, zodat het voormalige postkantoor met nog enkele panden gesloopt werd om een nieuwe vleugel aan het oude raadhuis te laten bouwen.
02 - inleiding en foto 48 en 49 /
03 - kaart 25 /
12 - foto 4

1966

Verbouwing en vergroting van de gereformeerde kerk. 02 - foto 20

1967

Oprichting van zaterdagvoetbal-vereniging DES-67 (Door Eendracht Sterk).  

1969

1 januari, Opheffing van het gasdistributiebedrijf op de plaats van de voormalige gasfabriek. 02 - foto 53

1969

In dit jaar komt het tweede gedeelte van de Volkerakdam klaar. De secundaire dam was gelegen tussen het Hellegatsplein en Willemstad. Het sluizencomplex t.b.v. de Schelde-Rijnverbinding is in 1972 gereed gekomen./p> 35 - blz. 91 + 92

1970

19 augustus, hernieuwde ingebruikname Nederlands Hervormde Kerk van Dirksland, na grondige restauratie orgel en kerk. 02 - foto 17

1970

Omdat in het kader van de Deltawerken een nieuwe dijk over de Plaat van Scheelhoek en noordelijk van het Zuiderdiep is aangelegd, wordt dit jaar de haven van Dirksland afgesloten. De gorzen ten zuiden van het Zuiderdiep die hierdoor ingepolderd worden staan bekend als de Zuiderdieppolder, welke voortaan een niet door dijken gescheiden geheel vormt met de Bospolder, de Kroningspolder en de Nieuwe-Kroningspolder.
Het Zuiderdiep dient voortaan als zoetwater reservoir, ten eerste om het polderwater na hevige regenval te kunnen spuien, ten tweede als zoetwatervoorziening voor het drinkwaterwingebied in de Oostduinen van Goeree.
Na het gereed komen van de Haringvlietsluizen zal ook dit meer verzoeten. Om het Zuiderdiep met zoet water te kunnen doorspuien wordt een waterinlaatsluis aan het eind van de Dirkslandse haven in de nieuwe dijk aangebracht. Dit spuien gebeurd alleen in de zomermaanden, in de wintermaanden verzilt het Zuiderdiep dan ook danig, wat erg nadelig is voor de landbouw.
Het scheepvaartverkeer door de haven van Dirksland was reeds voor deze tijd teruggenomen door toenemend transport van landbouwproducten per vrachtwagen. Voorheen was er o.a. ook veel aanvoer van grind, metselsteen en kunstmest.
Een plaatselijk gedicht, gemaakt naar aanleiding van het sluiten van de haven:

"Dirksland, mit je vermoorde haeven
Waer êêns de boeren al de gaeven
Van der akkers hoa gebrocht,
Waer schip naest schip een plekje zocht,
Daer snuve noe de auto's langs.

Waer volle boerewaegens gonge,
De werkers an de horre stonge,
Zitte ouwe mensen op een bank
In aeseme benzinestank
Want de auto's snuve langs.

Allêên in Spuije is't nog druk,
Daer vertrekke truck nae truck
Mit vruchten van ons goeie land
Allemaele nae de "overkant"
Mar op 't durp, daer bluuft het stille,
M'n zouwe 't wel wat levendiger wille."
02 - foto 5 en 60 /
09 - blz. 60 /
13 - foto 29

1970

Na sluiting van het Badhuis wordt het pand verbouwd tot Postkantoor. 02 - foto 42

1971

In dit jaar komen de Haringvlietsluizen gereed. De primaire dam is gelegen tussen Hellevoetsluis en Stellendam. De spuisluizen zijn nodig omdat via het Haringvliet het meeste Rijn- en Maaswater afgevoerd wordt. Dit gebeurt alleen bij laagwater, bij hoogwater blijven de schuiven gesloten.
In het Haringvliet heerst via de Nieuwe Waterweg, de Oude Maas en het Spui nog een geringe eb en vloed werking.
Echter in de toekomst worden de Haringvlietsluizen tijdens vloed op een kier gezet, waardoor weer een natuurlijke overgang tussen zout en zoet water ontstaat. Daarmee komt een eind aan het feit dat veel in het zoete water levende dieren met eb naar buiten gespuid worden, waar ze vervolgens in het zoute water afsterven. Ook wordt het voor vissen als Zalm of Forel weer mogelijk om de rivier op te trekken, zodat zij zich weer op hun natuurlijke paaiplaatsen in o.a. Duitsland voort kunnen planten, waardoor deze van nature hier thuishorende soorten wederom de rivieren gaan bevolken.
Het bij vloed openstellen van de Haringvlietsluizen heeft grote gevolgen voor de zoetwater voorziening op Goeree-Overflakkee. Men verwacht dat het zoute water ongeveer tot Middelharnis op zal stromen. Hierdoor moet de inlaatsluis van het Zuiderdiep, aan het eind van de Dirkslandse haven gesitueerd, verdwijnen. Het zoetwaterinlaatpunt wordt verplaatst naar de oostzijde van het eiland.
35 - blz. 93 t/m 95

1972

In dit jaar komt de Brouwersdam gereed. De primaire dam is gelegen tussen Ouddorp en Scharendijke. Hierdoor verandert de zeearm Grevelingen in het Grevelingenmeer en de getijwerking verdwijnt.
Grote delen land die bij eb droogvielen komen nu permanent onder water te staan, terwijl andere delen die bij vloed regelmatig overstroomden nu permanent droog komen te staan. Dit heeft grote gevolgen gehad voor het planten- en dierenleven. Vele soorten stierven uit, terwijl er weer nieuwe soorten voor in de plaats gekomen zijn.
Het meer is in de loop van de 70er jaren brak geworden, maar na het in gebruik nemen van de Brouwerssluis in 1978, gelegen tussen Noordzee en Grevelingenmeer, is het meer weer zout geworden. In 1983 heeft men ook een hevelsluis in gebruik genomen, gelegen tussen Oosterschelde en Grevelingenmeer, waardoor men nu een doorgaande waterstroom kan creëren. Het water van het Grevelingenmeer is erg helder, op sommige plaatsen kan men tot wel 9 m diep kijken. Het is één van de weinige zoutwatermeren van deze omvang in de wereld.
Het belangrijkste gebied wat permanent droog is komen te staan, zijn de grotendeels in de gemeente Dirksland liggende "Slikken van Flakkee". Dit vormt tegenwoordig een belangrijk natuurgebied. Bepaalde delen zijn begroeid geraakt met bossen en struiken, maar het grootste deel is een vrij saaie grasvlakte waarop zg. Oerrunderen grazen. Een klein deel van "het Gors" is in de zomermaanden bereikbaar voor auto's, langs de oever van het Grevelingenmeer vind dan recreatie plaats. Aan het meer zijn veel jachthavens in gebruik genomen, ook Herkingen heeft tegenwoordig een grote jachthaven.
35 - blz. 96 t/m 98/
36 - blz. 13 + 14 + 16 + 29 + 62 + 82

1974

1 januari, Dirksland heeft 3638 inwoners. 02 - inleiding

1974

Afbraak oude christelijke school aan de Tuinstraat te Dirksland. 02 - foto 44

1974

Grote uitbreiding Van Weel-Bethesda ziekenhuis, van het Paviljoen worden kantoren gemaakt. 02 - foto 40 en 41

1975

Gemeente Dirksland wordt eigenaar van korenmolen "De Eendracht". 16 - blz. 9

1975

Afbraak panden op hoekje Schelpenpad en Boomvlietstraat, nieuwbouw elektriciteitszaak Van der Heiden. 15 - blz. 19

1979

Afbraak oude openbare school aan de Ring, na eerdere renovatie in 1948. Bouw nieuwe aan de Beatrixlaan, de originele eerste steen uit 1867 is opnieuw ingemetseld. 02 - foto 18 /
15 - blz. 21

1982

24 mei, Heringebruikname korenmolen "De Eendracht" na grondige renovatie. Sinds 1988 eigendom van Molenstichting Goeree-Overflakkee. 16 - blz. 9

1983

Burgemeester Bos wordt opgevolgd door de heer C. Oversier.  

1984

16 februari, Afbraak het "Hoage Huusje" op de Geldersedijk. Het was oorspronkelijk een herdershuisje gebouwd op een terp en had volgens de overlevering een fundering van schaapshuiden, in 1900 kreeg het huisje een schuine kap. Sloop in verband met, niet doorgegane, verbreding Geldersedijk. In plaats hiervan heeft men de Boomvlietweg in gebruik genomen.
Tevens in februari afgebroken de huisjes bekend als "de Luchtbal". Eerder al afgebroken de huisjes "op stove", waar vroeger de meekrapstoof stond.
15 - blz. 35 /
16 - blz. 34

1987

De watertoren nabij Dirksland wordt buiten gebruik gesteld, waarna hij door de gemeente Dirksland voor een symbolisch bedrag is aangekocht. Thans is er een restaurant in gevestigd. 37 - blz. 89

1987

Na het graven van een nieuwe afwateringskreek, ten westen en ten noorden van Dirksland, en de ingebruikname van gemaal Smits, waar deze kreek in de haven uitmond, verliezen de Boezem en de oude watermolen hun functie. De watermolen is verkocht aan een particulier, grondig gerenoveerd en verbouwt tot woning. 37 - blz. 110 + 111

1987

september, Afbraak voormalige christelijke kleuterschool aan de Tuinstraat. 15 - blz. 84

1988

Transportbedrijf Gijs van Dongen verhuist naar een nieuw pand aan het Korteweegje. Het is onder zijn nakomelingen vandaag de dag uitgegroeid tot één van de grootste transportondernemingen van de omgeving. 15 - blz. 12

1989

Sloop voormalig garagebedrijf en tankstation Kasteleyn aan de Secretarieweg i.v.m. uitbreidingsplannen van het ziekenhuis. Het bedrijf was indertijd verantwoordelijk voor het bijtanken van de ziekenauto en was i.v.m. mogelijke stroomstoringen aangesloten op het noodstroomaggregaat van het ziekenhuis. 16 - blz. 62

1990

Burgemeester Oversier wordt opgevolgd door de heer Boonstra.  

1995

29 mei, Sloop van het in 1999 als appartementencomplex herbouwde pand van Holleman op de Heul. 15 - blz. 56 /
16 - blz. 33

1996

Afbraak van de "appelloods" van Den Baars aan de Tramweg. 16 - blz. 42

2002

Burgemeester Boonstra gaat met pensioen en wordt opgevolgd door de heer Stoop die tot heden het ambt beoefend.  

2003

1 januari, De gemeente Dirksland heeft 8273 inwoners, tien meer dan het jaar ervoor, 4967 hiervan wonen er in Dirksland, 2105 in Melissant en 1201 in Herkingen. Ons Eiland 13 feb. 2003 /
Gemeente Dirksland 2003




Literatuurverklaring:

01

De ontwikkeling van Goeree-Overflakkee J. Hoving, archivaris Waterschap Goeree-Overflakkee Rabobank Middelharnis 2001  

02

Dirksland in oude ansichten deel 1 Th. De Waal Uitgeverij Europese Bibliotheek Zaltbommel 1974  

03

Caartboeck van Voorne 1695 J.Klok, oud-stadsarchivaris Brielle Uitgeverij De Klokkestoel Oostvoorne 2e aangevulde druk 2001  

04

Dirksland voor wie het zien wil. G.S.Wolfert, C. Westdorp Uitgave Gemeente Dirksland. Distributie en verkoop: Boekhandel Van der Boom, Sommelsdijk 1998 ISBN 90-9012197-8

05

Gebroken Dijken - Goeree-Overflakkee en de ramp van 1 feb. 1953 Wetenschappelijk Genootschap Goeree-Overflakkee i.s.m. Flakkeesche Drukkerij J. & M. Boomsma Middelharnis Boekhuis Ariese, Middelharnis 1954  

06

Gekwelde Grond C.P.Pols De Zeeuwsche Boekhandel en Uitgeverij te Zierikzee 2e druk 1977  

07

De Ramp, een reconstructie Kees Slager Uitgeverij De Koperen Tuin Goes 1992 ISBN 90-72-138-25-2

08

Bodemvondsten uit Goeree-Overflakkee Rias Olivier Vereniging van amateurarcheologen voor Goeree-Overflakkee, De Motte 1994 ISBN 90-9006867-8

09

Dirksland Sas Cathy Westdorp Uitgave Gemeente Dirksland. Distributie en verkoop: Boekhandel Van der Boom, Sommelsdijk 2001 ISBN 90-806598-1-9

10

Het eiland Goeree F. den Eerzamen Uitgeverij Neerlandia-Meppel 1966  

11

Van Westvoorne tot St. Adolfsland verscheidene auteurs Vereniging van amateurarcheologen voor Goeree-Overflakkee, De Motte 1979  

12

Dirksland in oude ansichten deel 2 D.K. Soldaat-Poortvliet Uitgeverij Europese Bibliotheek 1980 ISBN 90-288-1207-5

13

Kent u ze nog, de Dirkslanders D.K. Soldaat-Poortvliet Uitgeverij Europese Bibliotheek 1980 ISBN 90-288-1239-3

14

Dirksland in de jaren 50 Miny Vroegindeweij-Takman Uitgeverij Deboektant 1988 ISBN 90-71802-15-9

15

Dirksland in vroeger tijden-deel 1 Niek & Riet v.d. Groef-van Prooijen Uitgeverij Deboektant 1998 ISBN 90-5534-100-2

16

Dirksland in vroeger tijden-deel 2 Niek & Riet v.d. Groef-van Prooijen Uitgeverij Deboektant 1999 ISBN 90-5534-128-2

17

De dorpen van Flakkee Hans Ottink.
Bron: Instituut Stad en Landschap van Zuid-Holland, jaarverslag 1952
Eilanden-Nieuws 2002  

18

De stoomtrams op de Zuid-Hollandse eilanden en Zeeland A. Dijkers en H.G. Hesselink Uitgevers Wyt 1973 ISBN 90-6007-662-1

19

Opnieuw uitgegeven bij de Zeeuwsche Boekhandel Korte Sint Janstraat 17 Zierikzee    

20

Nederlandse Gemeentewapens Ralf Hartemink   1996, 1997  

21

Met dank aan: Arie Maasdam Delft 2002  

22

Met dank aan: Ad van der Meer Diemen 2002 Ad@adenbj.demon.nl

23

De waterkeeringen, waterschappen en polders van Zuid-Holland - deel X1, afdeling VII, onderafdeling I en II Jhr. L.F. Teixeira de Mattos uitgeverij Martinus Nijhoff 's-Gravenhage 1941  

24

De waterkeeringen, waterschappen en polders van Zuid-Holland - deel X2, afdeling VII, onderafdeling III, IV en V Jhr. L.F. Teixeira de Mattos uitgeverij Martinus Nijhoff 's-Gravenhage 1941  

25

Kleine ornamenten in de gemeente Dirksland Jan Both Uitgave Gemeente Dirksland. Distributie en verkoop: Boekhandel Van der Boom, Sommelsdijk 2002 ISBN 90-806598-2-7

26

Geschiedenis van Holland, deel 1, tot 1572 verscheidene auteurs Uitgeverij Verloren BV Hilversum 2002 ISBN 90-6550-682-9

27

Het eiland Goeree-Overflakkee F. den Eerzamen Boekhandel Ariese Middelharnis   ISBN 90-70686-08-2

28

Blijvend Gedenken - De Tweede Wereldoorlog op Goeree-Overflakkee D. Hoogzand Boekhandel Vroegindeweij Middelharnis 2e herziene editie 1993 ISBN 90-800992-2-8

29

Beschrijving van het eiland Goedereede en Overflakkee B. Boers J. Jongejan, Sommelsdijk 1843 Facsimile Kruseman 1969

30

Sprekend Verleden Rias Olivier Vereniging van amateurarcheologen voor Goeree-Overflakkee, De Motte 1999 ISBN 90-805116-2-5

31

Verdrinkend Land J. Boomsma en Dr. J. Verseput Flakkeesche Drukkerij J. en M. Boomsma Middelharnis 1945  

32

Om de boerderijen
in de gemeente Dirksland
verscheidene auteurs Uitgave Gemeente Dirksland. Distributie en verkoop: Boekhandel Van der Boom, Sommelsdijk 2003 ISBN 90-806598-3-5

33

Veldnamen en Boerderijen op Goeree-Overflakkee verscheidene auteurs Sociëteit Rethorica, Sommelsdijk 2003 ISBN 90-9017379-X

34

De overstromingen van Goeree-Overflakkee op 1 februari 1953 ing. H. Stuurman
voormalig hoofd technische dienst waterschap Goeree-Overflakkee
     

35

De Deltawerken verscheidene auteurs Uitgeverij Waltman, Delft 1984 ISBN 90-212-3092-5

36

Het Grevelingenmeer verscheidene auteurs Delta Instituut voor Hydrobioligisch Onderzoek, Yerseke 1985 ISBN 90-70157-63-2

37

Van meestoof tot Deltawerken Jan Both Vereniging van amateurarcheologen voor Goeree-Overflakkee, De Motte 1999 ISBN 90-805116-1-7

38

Goeree-Overflakkee in oude ansichten Th. de Waal Europese Bibliotheek, Zaltbommel 1971, 6e druk 1999 ISBN 90-288-3227-0

39

Beschrijving van het eiland Goedereede en Overflakkee, zijne wording en zijn voortbestaan tot op heden J. v.d. Waal en F.O. Vervoorn W. Boekhoven, Sommelsdijk 2e druk 1896  

40

De Regulieren van Rugge J.L. van der Gouw Canaletto B.V., Alphen a/d Rijn 1986 ISBN 90-6469-627-6

41

De Motte 91-94   Vereniging voor Amateurarcheologen voor Goeree-Overflakkee, "De Motte"